MONTEVERDI: MADRIGALEN, BAND 1-6, AGNEW
CD Recensies - M

Monteverdi: Madrigalen, deel I Cremona, boek 1, 2 en 3. Les arts florissants o.l.v. Paul Agnew. Les arts florissants AF 005 (58’48”) 2014

 

Monteverdi: Madrigalen, deel 2 Mantua, boek 4, 5 en 6. Les arts florissants o.l.v. Paul Agnew. Arts florissants AF 003 (73’49”). 2014

 

Het madrigaal geeft de veranderingen in de muzikale stijl gedurende de loopbaan van Claudio Moneverdi volmaakt weer en weerspiegelt de overgang van Renaissance naar barok.

Monteverdi’ aanvankelijke stijl, met vaak geaccentueerd, luchtige vijfstemmige composities maakte uiteindelijk plaats voor een meer expressieve vorm met gewaagde dissonanten en scherpe melodische modulaties.

Geleidelijk zorgde de noodzaak om de tekst helderder te krijgen ervoor de textuur eenvoudiger: de twee hoogste stemmen werden prominenter en de onderste figureerden als stevige basis voor de harmonie.

Door deze verschuiving kwamen er madrigalen met minder stemmen, slechts ondersteund door een instrumentale bas. Conservatieve tijdgenoten hadden nogal wat kritiek op deze madrigalen, maar zijn broer verdedigde de manier waarop hij de eisen aan tekst en muziek in evenwicht bracht. De gedachte dat de dat de muziek dienstbaar is aan de tekst werd tot het levenslange ideaal van de componist, ook al veranderde zijn aanpak in de loop der tijd.

In totaal werden negen verzamelingen van Monteverdi’s madrigalen gepubliceerd; de eerste in 1587, de negende postuum in 1651. De eerste zes daarvan zijn nu vastgelegd door Le arts florissants, nu niet onder William Christie maar onder de Engelse tenor Paul Agnew en op een eigen sublabel onder de paraplu van Harmonia Mundi. De inhoud is als volgt verdeeld:

Deel 1 Cremona bevat boek 1 uit 1587, 2 uit 1590 en 3 uit 1592

Deel 2 Mantua bevat boek 4 uit 1603, 5 uit 1605 en 6 uit 1614

Natuurlijk bestaan al diverse mooie opnamen van deze madrigalen. Denk aan Alessandrini (Opus 111 OPS 30-81, OPS 30-166 en OPS 30-187) en Cavina (Glossa GCD 920910, 920015, 920922, 920823, 920927) maar deze imponeert haast nog meer omdat zo effectief en welsprekend wordt gezongen en de instrumenten zo gevoelig en onopdringerig begeleiden.

Agnew kan putten uit het areaal van de zangers Maud Gnidaz, Francesca Boncompagni, Mariam Allan, Hannah Morrison (s), Marie Gautrot, Lucille Richardot, Stéphanie Leclerq (a), Paul Agnew en Sean Clayton (t) en Lisandro Abadie, Callum Thorpe, Narduk Serrano López (bs) en de instrumentalisten Myriam Gevers, Sophie Gevers-Demoures (v), Galina Zinchenko, Simon Heyerick (va), Anne-Marie Lasla (vdg), Massimo Moscardo, Jonathan Rubin (aartsluit), Thomas Dunford (theorbe), Massimo Moscardo (luit), Nanja Breedijk (hrp), Florian Carré (kl). Vanzelfsprekend zijn de bezettingen wisselend.

Het is te hopen en te verwachten dat Agnew met een derde cd komt om de reeks van negen boeken compleet te maken. Daarmee hebben Les arts florissants dan een erg sterke troef in handen. Maar de eerste pluim heeft het ensemble verdiend.

  bry med us
tucsonmeds.info
pharmaceutica diary info
medic axne
eamea med info site